|
scholengroep 5 van het GO! onderwijs van de Vlaamse
Gemeenschap
INSTITUUT VOOR KUNST EN AMBACHT
SCHOOLREGLEMENT
zoals vastgesteld op 19 januari 2004
gewijzigd op 30 augustus 2004 – SGR5/RVB/2004/07;
gewijzigd op 12 april 2005 conform onderrichtingen i.v.m.
verplichtingen van het klachtendecreet;
gewijzigd op 1 september 2005: aanpassingen personeelsleden en
schoolraad
bekrachtigd R.V.B. dd.29 september 2005
gewijzigd op 1 januari 2006: rookverbod (KB 19.01.2005)
gewijzigd op 5 juni 2007: aanpassingen personeelsleden
gewijzigd op 26 februari 2008: aanpassingen klachtenprocedure,
personeelsleden, de leiding en het beheer van het
gemeenschapsonderwijs
gewijzigd op 27 augustus 2009: aanpassingen personeelsleden
gewijzigd op 1 september 2009: aanpassingen klachtenprocedures
gewijzigd op 30 augustus 2010: aanpassing personeelsleden en
dagindeling
gewijzigd op 21 maart 2011:
aanpassing leden schoolraad vanaf 01.04.2011
Instituut voor Kunst en Ambacht Veemarkt 39 - 2800 Mechelen
tel.: +32( 0)15 20 14 44 - fax: +32 (0)15 20 45 34
e-mail:
ika.mechelen@skynet.be
website:
www.ikamechelen.be
Wat wij bieden
Leerlingen optimale ontwikkelingskansen bieden en ze begeleiden
zodat zij kunnen groeien tot gelukkige, positief denkende, kritische
en creatieve individuen kan niet zonder een duidelijke
onderwijsvisie én strategie.
De grote principes van de onderwijsvisie en –strategie zijn
vastgelegd in het Pedagogisch Project van het Gemeenschapsonderwijs
(PPGO).
Het Pedagogisch Project van het GO! onderwijs van de Vlaamse
Gemeenschap
Het PPGO heeft een pluralistische grondslag. Het beantwoordt aan de
Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.
Het PPGO streeft de totale ontwikkeling van de persoon na en heeft
daarbij oog voor de optimale ontwikkeling van elke individuele
leerling.
Ons pedagogisch project kiest voor een dynamisch mens- en
maatschappijbeeld en beoogt de vorming van vrije mensen. In de
ontwikkelingsbegeleiding leggen wij de klemtoon én op de mens als
individu, én op de mens als gemeenschapswezen.
Om onze doelstellingen te bereiken, stemmen wij onze beleidsvisie af
op ons pedagogisch project. De scholen van het GO! onderwijs van de
Vlaamse gemeenschap
zijn democratisch. Daarom willen wij in onze school een proces op
gang brengen waarbij alle betrokkenen zich uitgenodigd en
gestimuleerd voelen om betrokken te worden bij het beleid en bij de
uitvoering van de beslissingen.
Informatie, coördinatie en inspraak zijn fundamentele begrippen in
de beleidsvisie van het GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap in het algemeen en van
onze school in het bijzonder.
Het Artistiek Pedagogisch Project van onze school
Situering van de onderwijsinstelling
Het Instituut voor Kunst en Ambacht (IKA) te Mechelen behoort tot
het GO! onderwijs van de Vlaame gemeenschap en verstrekt Deeltijds Kunst Onderwijs (DKO)
in de volgende disciplines:
boekkunst, edelsmeedkunst, fotokunst, glaskunst en keramiek
Als openbare instelling staat het IKA open voor volwassenen,
ongeacht hun levensfilosofie. Zij stelt zich onafhankelijk op en
toont respect voor de persoonlijke waarden én de eigenheid van elke
leerling.
Vanaf de minimumleeftijd van 18 jaar kan iedereen terecht in het
eerste jaar van de hogere graad. Vanaf het tweede tot het vijfde
jaar wordt men toegelaten op basis van een attest van een vorig
leerjaar of wordt men na een toelatingsperiode ingeschreven in een
bepaald jaar.
Na vijf jaar kan men zich vervolmaken in de twee daaropvolgende
specialisatiejaren.
Het DKO bekleedt een unieke positie in het onderwijs met zijn
verscheidenheid aan leerlingen. Het Instituut voor Kunst en Ambacht
is een plaats waar mensen van verschillende sociale en artistieke
achtergronden elkaar ontmoeten: zelfstandige kunstenaars die een
techniek willen uitdiepen, leerlingen van dagopleidingen die nood
hebben aan bijscholing en gemotiveerde “beginners”. Gezien de
diversiteit van de leerlingen, we denken alleen al aan de
verschillende culturen en talen van de ingeschreven leerlingen,
wordt er van de leraars extra veel begeleiding gevraagd.
Juist door deze “brede beginsituatie” is het noodzakelijk om het
belang van het artistiek pedagogisch project nog eens extra te
onderstrepen. Immers, het gaat er niet om hoe de leerling hier
binnen komt, maar hoe deze de school zal verlaten.
Het schoolconcept
Het hoofddoel van de opleiding is een culturele, maatschappelijke en
artistieke meerwaarde te geven binnen het huidige onderwijs.
Hiervoor richt het IKA deeltijds kunstonderwijs in met een specifiek
eigen karakter.
Binnen de specialiteit van ieder vakgebied wordt bijzondere aandacht
besteed aan de vaktechnische vorming, de vorming die de basis is van
het medium waarmee de leerling zich zal leren uiten, tegelijkertijd
komen de actuele kunstdisciplines uitgebreid aan bod.
Beide delen van de opleiding hebben een inzichtelijk en een
ervaringsgericht aspect. Ze hebben tot doel het beoordelings- én het
uitdrukkingsvermogen van de leerling te verruimen en te verfijnen.
Meer specifiek:
- vaktechnische vorming:
Als instituut staan wij garant voor het verstrekken van functionele
kennis, het ontwikkelen van vaardigheden, het aanleren van
onderzoeksmethodes en technieken om de verworven kennis adequaat te
kunnen aanwenden. Het eindproduct is het resultaat van een
leerproces, van veelvuldig en systematisch oefenen in combinatie met
creatieve experimentele handelingen.
- actualiteit:
Het bijbrengen van attitudes (gedragsvormen), om zich later
gemakkelijk te kunnen “bewegen” in en te participeren aan de
ontwikkelingen in de maatschappij waarin onder meer nieuwe
technologieën, de vrije tijd en de aandacht voor natuur en
leefmilieu een steeds ruimere plaats innemen, is van groot belang.
Het IKA is er zich van bewust dat het een belangrijke
maatschappelijke functie heeft. Om deze functie, in het licht van de
voortdurende snelle maatschappelijke veranderingen, optimaal te
kunnen blijven vervullen, onderwerpt zij haar methoden en haar
pedagogisch project aan permanente zelfreflectie.
De aanpassing aan de realiteit gebeurt echter niet met oogkleppen.
Door de zelfreflectie wordt er ook onderscheid gemaakt tussen
gratuite modeverschijnselen en duurzame ontwikkeling. Het instituut
moet ook de pretentie hebben om, zij het bescheiden, een referentie
te zijn op haar deelgebieden in het bijzonder en als stabiel
vormingsinstituut in het algemeen.
- attitudes:
De toegepaste kunsten en kunstambachten dragen bij tot een algemene
culturele vorming. Wij trachten ons doel te bereiken door af te
stemmen op maatschappelijke behoeften en ontwikkelingen.
Daardoor is het enerzijds logisch en noodzakelijk dat de directeur
en de leraars van het IKA een positief kritische houding aannemen
tegenover de mogelijke artistieke inhouden (het artistieke klimaat,
kunst van vroeger en nu) en dat zij trachten deze attitude
overdraagbaar te maken tegenover de leerling. Anderzijds dienen zij
bewust na te denken over de toepasbaarheid van didactische principes
en vakmethodische benaderingsmogelijkheden met de bedoeling hun
onderwijs voortdurend te optimaliseren.
- verpersoonlijking van het onderricht:
Respect voor het individu blijft essentieel.
Met andere woorden, aan elk individu worden kansen geboden op een
optimale ontwikkeling. Ieder mens is een uniek verschijnsel, in elke
onderwijs- en opvoedingssituatie moet dus de individuele eigenheid
van ieder tot zijn recht komen. Dit betekent onder meer gelijke
ontwikkelingskansen voor gelijkbegaafde. Het houdt bovendien in dat
enerzijds milieuachterstanden of handicaps worden gemilderd of
weggewerkt door aangepaste hulpverlening en begeleiding én
anderzijds wordt ingespeeld op de specifieke behoeften voor
meerbegaafde en talentvolle leerlingen.
Iedereen krijgt aangepaste pedagogisch-didactische hulp, ongeacht
geslacht, levensbeschouwing, sociale status of financiële
mogelijkheden.
Uiteraard wordt er rekening gehouden met het neutraliteitsakkoord
van het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap; de neutraliteit houdt onder meer in:
de eerbied voor de filosofische, ideologische of godsdienstige
opvattingen van de leerlingen op menselijk en maatschappelijk vlak.
Het eerbiedigen van deze opvattingen impliceert een positieve
erkenning en waardering van de verscheidenheid van meningen en
gedragsvormen en legt de nadruk op de gemeenschappelijke waarden.
Conform aan de grondbeginselen en algemene doelstelling van het
GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap, streven de leraars de totale ontwikkeling van
de persoon na. Dit uit zich in het actief onderwijzen van
kennisverwerving, vaardigheidsontwikkeling, attitudevorming met
bijzondere aandacht voor een kritische en creatieve ingesteldheid
ten aanzien van mens, natuur en samenleving. Zo willen we de
leerlingen helpen in hun ontwikkeling en ze voorbereiden om met
persoonlijk oordeel en engagement hun plaats in de pluralistische
samenleving in te nemen.
Dat zal en mag niet leiden tot nivellering en standaardisering van,
maar tot verscheidenheid in de ontwikkeling op grond van eigen aard
en bekwaamheid.
- instrumenten:
Communicatie is het belangrijkste instrument om tot een goede
samenwerking te komen en een solide basis te vormen voor de
opleiding.
Deze communicatie moet tot stand gebracht en actief onderhouden
worden tussen de drie hoofdactoren in het instituut:
1 - de leerlingen
2 - het lerarenkorps, directie en de personeelsleden
3 - de buitenwereld
Vooral gezien de eigenheid van het deeltijds kunstonderwijs en in het bijzonder
het feit dat de leerlingen volwassenen zijn kunnen (en mogen) deze
vlakken logischerwijze niet strikt gescheiden worden en zullen zij
elkaar overlappen.
Het begrip communicatie moet hier gezien worden in de ruimste
betekenis van het woord. De communicatie betekent hier niet alleen
het van gedachten wisselen, afspraken maken en compromissen sluiten
maar ook de communicatie naar buiten uit, in woord, beeld, klank en
kleur.
De stilte, de blikken, de lichaamshoudingen tijdens de contemplatie
van de werken tentoongesteld tijdens de jury’s en de thematische
exposities die meerdere van de ateliers elk jaar inrichten vertellen
soms meer dan uren discussie.
Het volledige korps zet zich ook in om taalbarrières te overwinnen.
De resultaten die bereikt worden in het instituut worden niet alleen
geëvalueerd binnen het kader van het instituut, maar worden met
grote regelmaat naar buiten gebracht om de toets van de samenleving
en al haar actoren te ondergaan.
Structuur
Het IKA als instelling dient een doorzichtige structuur te hebben,
met open deuren. Zowel de interactie tussen directie, leraars en
leerlingen als deze tussen de ateliers onderling moet continu vrij
blijven, met een zo laag mogelijke drempel als menselijk mogelijk
is. Ieder van de actoren moet zich bewust zijn van zijn belang als
schakel in het geheel van het functioneren van de instelling.
Misverstanden moeten zo snel als mogelijk en met respect voor ieder
opgelost worden. Om dit mogelijk te maken moet er actief gewerkt
worden aan het verhinderen van isolementen, zowel bij de directie,
de leraars als de leerlingen.
Er wordt gestreefd naar een gepaste samenwerking tussen de ateliers
waar mogelijk. Regelmatige contacten tussen de diverse disciplines
zijn nodig om een ruime kijk op het functioneren van de school en de
ontwikkelingen in deze disciplines te kunnen volgen.
Uitwerking van het artistiek pedagogisch project
In het artistiek pedagogisch project streven we een dynamisch mens-
en maatschappijbeeld na. Het draagt bij tot de vorming van vrije
mensen die fundamenteel vertrouwen hebben in zichzelf en met
openheid anderen in het wereldgebeuren kunnen benaderen met
erkenning van hun authenticiteit.
Een open geest hebben, zonder vooroordelen, met belangstelling en
respect voor ieders mening.
Mondig zijn, zodat ze hun ideeën voor de medemens helder en juist
kunnen vertolken.
Intellectueel nieuwsgierig blijven, met een levenslange bereidheid
tot studie en vorming vanuit ervaringsgerichtheid.
Getuigen van emotionele, esthetische bewogenheid binnen het
maatschappelijk aanvaarde waardenpluralisme.
Een open oog hebben voor de sociale werkelijkheid en de
maatschappelijke ongelijkheden: geëngageerd constructief opkomen
voor de eerbiediging van de rechten van de mens en zijn fundamentele
vrijheden, voor sociale rechtvaardigheid en voor democratische
instellingen.
Deze rechten, zoals gelijkwaardigheid, niet enkel als uitgangspunt
nemen, maar zich ook inspannen om ze te verwezenlijken.
Van de leraars en alle personeelsleden wordt verwacht dat ze bereid
zijn tot effectieve medewerking aan de realisatie van het APP. Dit
tracht men te bereiken door hun betrokkenheid te vergroten door
deelname aan de besluitvorming bij de opstelling van het APP. Door
directe democratische deelneming aan het beleid wordt het proces op
gang gebracht waardoor het engagement in de uitvoering van de
beleidsbeslissingen opgewekt zal worden.
Leidende principes met betrekking tot het opstellen en uitvoeren van
het APP:
- het plan zal op democratische wijze tot stand komen; iedereen zal
de kans moeten krijgen om een creatieve bijdrage te leveren
- inkijk door informatie: de voorlichting van al degenen, die bij
het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap betrokken zijn
- inzicht door coördinatie: het scheppen van (begeleidings)structuren,
die het mogelijk maken via overleg de informatie te verwerken
- inspraak door communicatie: het uitbouwen van echte
participatiemogelijkheden in alle geledingen van het GO! onderwijs
van de Vlaamse gemeenschap.
Het Artistiek Pedagogisch Project zal de continuïteit van de
pedagogisch-didactische organisatie van de school waarborgen, maar
mag geen aanleiding geven tot verstening. Daarom zullen in de
organisatie van het GO! onderwijs van de Vlaamse gemeenschap geregeld
bezinningsmomenten over het APP mogelijk zijn voor allen die dat
wensen, bezinning dient gesteund te zijn op een wetenschappelijk
verantwoorde evaluatie.
Middelen (ondersteunende projecten):
De mogelijkheden onderzoeken naar projecten binnen het gelijke
kansen beleid.
Het organiseren van project dagen - weken binnen de school, vb.
proeflessen in de ateliers om verdere samenwerking tussen de
afdelingen te bevorderen.
Het opzetten van tentoonstellingen in en buiten de school met (oud-)
leerlingen en (oud-)leraars om de opgedane kennis te laten
circuleren binnen de school en de relevantie van de bereikte
(tussen-)resultaten te toetsen aan een breder maatschappelijke kader
en specifiek aan wat leeft in de vakgebieden. Deze
tentoonstellingen, wanneer praktisch mogelijk, openstellen voor een
breed publiek.
Gastdocenten aantrekken al dan niet in samenwerking met andere
scholen.
Onderzoek naar samenwerking met andere (dag-)opleidingen.
Leraars de mogelijkheid bieden om uitstappen te organiseren naar
belangrijke hedendaagse tentoonstellingen om een antwoord te kunnen
geven of ze op de huidige (kunst)tendensen in moeten spelen. Zo
kunnen we blijven inspelen op de vraag of er nood is aan
actualisatie en kunnen we het onderwijs in een ruimere
cultuur-historische context plaatsen.
Onderzoeken of projecten in de sociale context mogelijk zijn, zeker
gelet op het gelijke kansenbeleid van de minister. Hier dient
gesteld te worden dat de school geen inschrijvingen weigert en zich
kenmerkt door een open engagement en intern pluralisme, waarin alle
levensbeschouwelijke en maatschappelijke visies met democratische
grondslag hun plaats hebben. De school erkent het
GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap als een bevoorrechte ontmoetingsplaats voor
allen in de samenleving die in de geest van de
neutraliteitsverklaring met elkaar willen samenwerken en elkaar
willen leren kennen, begrijpen en waarderen.
Contacten leggen met openbare diensten van de stad om
vakoverschrijdend te werk te gaan, vb. bibliotheek, musea. (Buiten
de gangbare kunstenaarsinitiatieven.)
Respect voor het milieu tonen door afval te sorteren, gebruikte
materialen recupereren. Onderzoek naar de mogelijkheid om
milieuvriendelijke werkwijzen aan te bieden.
Eventuele bijscholing van de leraars.
Het scheppen van een optimale sfeer waar kennis uitgewisseld kan
worden door het aanleggen van een eigen bibliotheek in de school,
een leeszaal, een centrale ontmoetingsplaats.
Een democratisch werkende school
Inspraak, mee beslissen, mee verantwoordelijk zijn… vinden wij in
onze school belangrijk. Dit blijkt duidelijk uit onze organisatie en
werking die past in het algehele functioneren van het
gemeenschapsonderwijs.
Ons schoolteam
Ons schoolteam bestaat uit:
de directeur:
Erik Ruts
het onderwijzend personeel:
Françoise Bausart boekkunst
Guy Claessens edelsmeedkunst
Sandra De Clerck glaskunst
Annemie De Corte edelsmeedkunst
Tine Dodion keramiek
Kathleen
Frisson edelsmeedkunst
Ludo Noël fotokunst
Katrijn Schatteman glaskunst
Suzanne Van De Gaer kunstgeschiedenis
Bruno Vermeiren keramiek
het administratief personeel:
Marc Dhooms rekenplichtige
Berlinda Van Rompuy administratie
Conny Verstraeten administratie
het meesters-, vak- en dienstpersoneel:
Octave Lernous
Dominique
Demeulenaere
Dit schoolteam werkt samen met:
de schoolraad
(samenstelling vanaf 01.04.2011):
Guy Claessens, docent
Sandra De Clerck, docent
Bruno Vermeiren docent
Joël Blockx, cursist
Dirk Claes, cursist
Pascale Van Goethem, cursist
Egide Rabau coöptatielid SEC
Arthur Vermeiren coöptatielid SEC, voorzitter
De leiding en het beheer van het GO! onderwijs van de Vlaamse
Gemeenschap
Het GO! onderijs van de Vlaamse Gemeenschap wordt geleid en beheerd vanuit drie
niveaus die elkaar aanvullen, maar die elk hun eigen bevoegdheden
hebben.
Op het lokaal niveau wordt de school bestuurd door de directeur,
bijgestaan door een adviserende schoolraad.
De schoolraad is samengesteld uit:
leerlingen verkozen respectievelijk door de leerlingen
personeelsleden verkozen door het personeel;
gecoöpteerde leden uit de lokale sociaal – economische - culturele
milieus;
De directeur woont de vergaderingen bij met raadgevende stem.
Op het tussenniveau zijn er scholengroepen gevormd, met heel wat
bevoegdheden.
Zij worden bestuurd door:
een algemene vergadering
een raad van bestuur
een algemeen directeur : Linda Van Achter
een college van directeurs: alle directeurs van de scholen van SGR 5
De dagelijkse opvolging van problemen en de voorbereiding van
dossiers voor het college van directeurs gebeurt door het dagelijks
bestuur.
Op het centraal niveau is de Raad en de afgevaardigd bestuurder
bevoegd.
Adres: Het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap
Gebouw ‘Alhambra’
Emile Jacqmainlaan 20
1000 Brussel
Telefoon: (02) 790 92 00
Fax: (02) 790 92 01
E-mail via: inf@g-o.be
Website: http://www.g-o.be
Hiernaast worden de belangen van het deeltijds kunstonderwijs
netoverkoepelend behartigd door het college van directeurs van
beeldende kunst: CODIBEL.
Klare afspraken
Een school kan slechts maximaal renderen als de leerlingen en het
schoolteam hetzelfde doel nastreven. Dit betekent dat leerlingen en
schoolteam op opvoedkundig vlak gelijkluidend denken en handelen.
Dit trachten we te bereiken via duidelijke afspraken.
Contact
Ondanks alle uitleg, kan het nodig zijn dat leerlingen, leraars en
directeur een gesprek hebben. Voor leerlingen is het belangrijk dat
sommige activiteiten die in de onderwijssituatie voorkomen,
toegelicht worden. Het contact met de leerlingen kan onder meer
zijn:
een individueel onderhoud
een contactavond met informatie
een forumgesprek
Inspraak
De spelregels worden vastgelegd in duidelijke, meestal zelfs
schriftelijke afspraken. Vanzelfsprekend is hierbij ook inspraak
voorzien volgens bepaalde modaliteiten. Bij eventuele wijziging van
het schoolreglement vraagt de school bijvoorbeeld ook het standpunt
van de leerlingen via de schoolraad.
HET IKA PRAKTISCH
1.Inschrijvingen
1.1.Administratieve gegevens
Al van bij de inschrijving maken wij wederzijdse afspraken. De
leerling aanvaardt bij inschrijving de bepalingen van het
schoolreglement na te komen. Wij beloven alles in het werk te
stellen om ons pedagogisch project te realiseren. We zullen in de
best mogelijke omstandigheden kwalitatief hoogstaand onderwijs
aanbieden en zullen de leerlingen hierin ook optimaal begeleiden.
Aan een nieuwe leerling vragen we bij inschrijving:
een geldig identiteitsbewijs
rijksregisternummer
eventueel attesten voor het bekomen van vrijstellingen, bijvoorbeeld
voor het vak kunstgeschiedenis
attesten om over te gaan
eventueel attesten tot het bekomen van een vermindering van
inschrijvingsgeld
Op basis van deze informatie kunnen wij het administratief dossier
volledig in orde brengen. Op die manier zijn wij ervan verzekerd dat
wij in de toekomst correct ingevulde getuigschriften of attesten
kunnen uitreiken.
De inschrijvingen gaan door tijdens de maand september.
Schooljaar
Het schooljaar start op 1 september en eindigt op 30 juni.
01.02. Financiële bijdrage
De financiële bijdrage omvat o.a. het inschrijvingsgeld
Het inschrijvingsgeld wordt jaarlijks bepaald en wordt ad valvas
meegedeeld.
De leerling heeft recht op verminderd inschrijvingsgeld indien:
een attest kan voorgelegd worden door de bevoegde overheid waaruit
blijkt dat de leerling uitkeringsgerechtigd volledig werkloos is
tijdens de maand september van het desbetreffende schooljaar, of dat
hij ten laste is van een uitkeringsgerechtigde volledig werkloze;
een attest kan voorgelegd worden, uitgereikt door de bevoegde
overheid waaruit blijkt dat de leerling
° gehandicapt is met een arbeidsongeschiktheid van tenminste 66%
° recht heeft op een tegemoetkoming als gehandicapte;
het bewijs kan voorgelegd worden dat hij een statuut van erkend
politiek vluchteling heeft of ten laste is van een dergelijk
persoon;
hij leerling is tussen 18 en 24 jaar en een inschrijvingsattest van
de school kan voorleggen of een attest van het kinderbijslagfonds
kan voorleggen.
Deze attesten moeten tijdens de maand september van het
desbetreffende schooljaar afgegeven worden.
Een leerling die om een of andere reden zijn inschrijvingsgeld
geheel of gedeeltelijk van het departement onderwijs wil
terugvorderen, moet uiterlijk tegen 1 december van het lopende
schooljaar een schriftelijke en gemotiveerde aanvraag indienen bij
de afdeling DKO, Koning Albert II-laan 15, 1210 Brussel. Aanvragen
na deze datum zijn onontvankelijk. De afdeling onderzoekt de
geldigheid van een aanvraag. Bij een positieve beoordeling wordt het
inschrijvingsgeld niet teruggestort, maar kan de leerling dit bedrag
gebruiken voor een volgend schooljaar.
02. Leerlingen
02.01. Regelmatige leerling
De informatie die wij bij de inschrijving vragen, is ook
noodzakelijk om zorgvuldig te kunnen nagaan of wij een leerling wel
als regelmatige leerling kunnen inschrijven. Het statuut van
regelmatige leerling verleent het recht op het behalen van een
officieel studiebewijs.
Je bent een regelmatig leerling als je:
voldoet aan de toelatingsvoorwaarden tot het leerjaar waarin je bent
ingeschreven;
het geheel van de vorming van het betreffende leerjaar werkelijk en
regelmatig volgt voor de gehele duur van een schooljaar of hiervan
afwijkt door van de directeur vrijstelling te verkrijgen voor een
vak om pedagogische redenen;
het vereiste inschrijvingsgeld betaald hebt.
Verder verbindt de leerling zich ertoe deel te nemen aan alle
proeven en activiteiten die voor de gevolgde vakken door de school
voorzien zijn.
02.02. Vrije leerling
Een vrije leerling is een leerling die niet voldoet aan de definitie
van regelmatige leerling. Vrije leerlingen kunnen worden toegelaten
tot de lessen die aan regelmatige leerlingen worden gegeven, op
voorwaarde dat zij het normale lesverloop niet storen en geen
afbreuk doen aan de normale rechten van de regelmatige leerlingen.
Vrije leerlingen kunnen deelnemen aan de proeven maar kunnen geen
attesten of getuigschriften behalen.
2.3.Aanwezigheden / afwezigheden
Aanwezigheden
De leerling is verplicht zijn persoonlijke aanwezigheidslijst te
dateren en te ondertekenen bij de aanvang van de lessen.
Afwezigheden
De leerling verbindt zich ertoe bij afwezigheid de school zo snel
mogelijk te verwittigen.
De leerlingen die 1/3 van de lessen niet hebben bijgewoond, zonder
wettige afwezigheid, worden niet toegelaten tot de eind- en
overgangsproeven en zijn derhalve niet geslaagd.
Van rechtswege gewettigde afwezigheid
Mits een akkoord van de directeur en mits voorlegging van een
verklaring van de leerling of een officieel document mag de leerling
afwezig zijn:
Om een begrafenis- of huwelijksplechtigheid bij te wonen van een
bloed- of aanverwant die onder hetzelfde dak woont.
Om aanwezig te zijn bij het overlijden van een bloedverwant tot en
met de tweede graad of van een persoon die onder hetzelfde dak
woont.
Om een familieraad bij te wonen.
Om voor de rechtbank te verschijnen na een oproeping of dagvaarding.
Als de school door overmacht onbereikbaar of ontoegankelijk is.
Afwezigheid om persoonlijke redenen
Mits voorafgaand akkoord van de directeur kun je om persoonlijke
redenen afwezig zijn.
Andere afwezigheden die gewettigd kunnen worden door de
schooldirectie
Het gaat hier over:
Onwettige afwezigheden
Afwezigheden die gewettigd zijn, maar in vraag gesteld worden
Afwezigheden tijdens extra-muros - activiteiten worden tot de
normale schoolactiviteiten gerekend. Zonder geldige redenen niet
deelnemen aan deze initiatieven wordt als onwettige afwezigheid
beoordeeld.
Als de leerling meent ernstige, speciale of persoonlijke redenen te
kunnen aanvoeren om een dag afwezig te zijn of gezamenlijke extra-muros -activiteiten niet bij te wonen, moet de leerling vooraf het
akkoord hebben van de directeur.
2.4.Dagindeling
De cursussen worden, afhankelijk van de optie, gegeven binnen de
volgende uren:
maandag : 18.00 u. tot 22.30 u.
dinsdag : 18.00 u. tot 22.30 u.
woensdag : 18.00 u. tot 22.30 u.
donderdag : 18.00 u. tot 22.30 u.
vrijdag
: 13.30 u. tot 21.30 u.
zaterdag : 09.00 u. tot 18.00 u.
2.5.Kledij, veiligheid, hygiëne
Persoonlijke smaak en overtuiging worden door de school positief
gewaardeerd maar het mag geenszins de bedoeling zijn om te
provoceren, een inbreuk te plegen op de goede zeden of de vrijheid
van anderen te belemmeren. Bovendien mogen noch de eigen veiligheid
of gezondheid noch die van anderen in het gedrang komen.
Om redenen van veiligheid moet in sommige lessen aangepaste kledij
gedragen worden. In sommige gevallen zal het dragen van
beschermkledij aangewezen of zelfs verplicht zijn. In andere
gevallen zal de directeur of de betrokken leraar(s) naargelang het
geval, het dragen van risicohoudende kleding verbieden wanneer de
veiligheid dit vereist.
03. Aandachtspunten
03.01. Aanwezigheidslijsten
De leerling ondertekent bij aankomst een aanwezigheidslijst. De
aanwezigheidslijsten blijven steeds in de school ter controle door
directie, inspectie en verificatie.
03.02. Wetgeving betreffende geweld, pesterijen en ongewenst
seksueel gedrag
Melding op school:
Het schoolbestuur heeft voorlopig, tot er een kandidaat gevonden
wordt, de directeur aangesteld als vertrouwenspersoon binnen de
school. Hij is bevoegd voor het ontvangen en opvolgen van klachten
over grensoverschrijdend gedrag.
Buiten de school als je niet in de school terecht kunt / wilt.
Als extern meldpunt werd door de scholengroep ARISTA aangeduid, te
bereiken op: 02 533 74 88
03.03. Roken – eten – drinken
Met ingang van 1 januari 2006 is het verboden te roken in alle
gesloten werkruimtes en sociale voorzieningen. Met werkruimtes
worden niet alleen klassen, bureaus en ateliers bedoeld, maar ook
trappen, gangen, inkomhal enz. Onder sociale voorzieningen verstaat
men toiletten, koffielokalen, leraarskamer, …Het rookverbod in het
schoolgebouw is dus volledig en geldt ook voor het
schoolsecretariaat. Plaatsen in openlucht en het terrein rond de
school vallen niet onder de regelgeving : er geldt geen rookverbod.
Vanuit de wet blijft het dus toegelaten een sigaret op te steken op
de speelplaats en parking. Er mag echter geen rookhinder zijn binnen
de gebouwen.
Ook bij opendeurdagen, feestjes en bij verhuring lokalen aan derden,
kortom bij alle activiteiten in de gebouwen, blijft de regelgeving
onverkort van kracht.
Overtreding van het rookverbod wordt behandeld zoals andere
overtredingen van het schoolreglement.
Er is eet- en drankverbod in alle ateliers.
3.4. Chemische producten
Chemische producten worden altijd met de nodige voorzorgsmaatregelen
gebruikt d.w.z.:
voor gebruik worden de veiligheidspictogrammen en R- en S-zinnen
geraadpleegd.
alle chemische producten worden steeds opgeslagen
nooit worden de producten na gebruik onbeheerd achtergelaten op
tafels !
03.05. Gevaarlijke producten
Elk gevaarlijk product dat door de leerling zelf meegebracht wordt
naar school moet verplicht de inhoud en de eigenaar vermelden. Elke
leerling is gehouden de gevaarlijke producten tijdens de
vakantieperiode terug mee naar huis te nemen. De leerling is tevens
zelf verantwoordelijk om deze producten naar een containerpark te
brengen indien het product niet meer gebruikt wordt of vervuild is.
Op verpakkingen waarin gevaarlijke producten zitten dient steeds de
inhoud van de verpakking worden vermeld, bij een alternatieve
verpakking dient de eventuele originele inhoudbeschrijving
verwijderd te worden.
03.06. Gedragslijnen
- ingeval van ongeval
Verwittig onmiddellijk het secretariaat. Beschrijf duidelijk wat,
waar het gebeurd is en de toestand van het slachtoffer. Er blijft
iemand bij het slachtoffer tot hulp aanwezig is.
Indien het secretariaat gesloten is, verwittig iemand van de
interventieploeg of telefoneer zelf de 100. Zeg duidelijk wie u
bent, wat en waar het gebeurd is, beschrijf de toestand van het
slachtoffer.
- ingeval van brand of bommelding
Geef alarm en verwittig het secretariaat. Zeg duidelijk wie u bent,
waar en wat er is gebeurd en of er slachtoffers zijn.
Stop alle activiteiten. Sluit alle elektrische circuits af doch laat
het licht branden. De gas en/of zuurstofleidingen worden ook
afgesloten. Sluit ramen en deuren. Zorg dat niemand achter blijft en
begeef u naar de uitgang. Verzamel voor de school.
Indien het secretariaat gesloten is, verwittig iemand van de
interventieploeg of telefoneer zelf de 100.
Interventieploeg : Annemie De Corte (edelsmeedkunst), Ludo Noël
(fotokunst) en
Bruno Vermeiren (keramiek)
Noodnummers : ziekenwagen en brandweer : 100 politie : 101
dichtstbijzijnde ziekenhuis : Ziekenhuis SINT - MAARTEN - Campus
Leopoldstraat Mechelen
ingang via Willem Rosierstraat (zijstraat van de Leopoldstraat 2)
telefoon : 015 40 95 17
Voertuigen:
- Parkeren voor de hoofdingang van de school is verboden.
- De toegang tot de school van de straat én de toegang tot de
gebouwen uitgevend op de binnenplaats moeten ten allen tijde vrij
blijven voor hulpdiensten.
- Parkeren op de binnenplaats is voorbehouden aan de personeelsleden
en personen met speciale toelating van de directie (handicap,
tijdelijk minder mobielen)
- Leerlingen of derden mogen enkel met een voertuig op de
binnenplaats voor laden- en lossen, na aanmelding op het
secretariaat.
03.07. Diefstalpreventie
Wees op uw hoede en laat uw persoonlijke goederen niet onbeheerd
achter ! De school is niet verantwoordelijk voor eventuele diefstal
of schade dat aan het persoonlijk materiaal van de leerlingen wordt
aangericht.
03.08. Schooltoegang
Zonder toelating van de directeur heeft niemand vreemd aan de
instelling toegang tot de gebouwen. Ten dienste van de leerlingen
wordt de mogelijkheid geboden, in samenspraak met de klastitularis
en de directeur, toegang te bekomen tot de ateliers en
infrastructuur buiten de reguliere lesuren. De leerling vult op
voorhand het daartoe bestemde aanwezigheidsregister in op het
secretariaat. De leerling vermeldt de datum en het uur van aankomst
en vertrek.
Buiten de officiële lestijden is er geen toezicht voorzien.
Aanwezigheid buiten de lestijden, zelfs in het kader van de
uitvoering van schoolopdrachten blijft op eigen risico.
03.09. Tentoonstellingen
De leerlingen dienen hun medewerking te verlenen aan
tentoonstellingen en kunstmanifestaties binnen en buiten de school.
Zo ook de personeelsleden die bovendien hun medewerking verlenen aan
alle nevenactiviteiten die in het belang van de school worden
georganiseerd : opendeurdagen, publiciteit, organisatie van komende
schooljaren enz… Voor deze organisatie kan de directeur beroep doen,
naargelang de activiteit, op leerlingen en personeel van de school.
De school behoudt zich het recht om, met werk van de leerlingen, tot
drie jaar na hun studies aan de school, kunstmanifestaties te
organiseren. In voorkomend geval kan een verzekering aangegaan
worden. De school kan in geen geval aansprakelijk gesteld worden
voor beschadiging of ontvreemding van het werk.
De naam van het instituut gebruiken bij kunstmanifestaties,
publicaties e.a. moet de goedkeuring van de directeur wegdragen.
Begeleiding, evaluatie- en examenregeling
Waarover en hoe evalueren de leraars?
Evaluatie via proeven
Tijdens het schooljaar wordt van iedere leerling minimum tweemaal
per jaar een schriftelijke evaluatie gemaakt, deze wordt aan de
leerling meegedeeld aan de hand van een evaluatiefiche.
Aan het einde van ieder leerjaar van de graad worden tussen 1 juni
en 30 juni overgangsproeven of eindproeven georganiseerd. De
eindproeven worden georganiseerd in het laatste leerjaar van de
hogere en van de specialisatiegraad.
Tussen 15 augustus en 15 september worden van alle vakken
uitgestelde proeven afgenomen van de leerlingen die om een
gewettigde reden niet hebben kunnen deelnemen aan de proeven aan het
einde van het schooljaar.
De directeur kan beslissen om tijdens die periode ook
herkansingsproeven te organiseren
Deliberatie
De examencommissie is als enig orgaan bevoegd.
De beoordeling voor het vak specifiek artistiek atelier gebeurt door
een examencommissie samengesteld als volgt :
1 Voor de eindproeven van de hogere graad en van de
specialisatiegraad: de directeur, de vakleraar en ten minste één
deskundige van buiten de instelling;
2 Alle andere proeven: de directeur en de vakleraars;
3 De directeur is ambtshalve voorzitter van alle examencommissies
binnen zijn instelling. Hij kan zich laten vervangen door een
afgevaardigde.
Elke leerling heeft recht op een
eerlijke beoordeling
Klachtenprocedure bij betwisting van een beslissing van een
examencommissie
Vervangen 01 09 09
Bezwaar:
Als
cursisten de beslissing van de delibererende klassenraad niet kunnen
aanvaarden, kunnen zij ten laatste op de derde werkdag na de
uitreiking van het rapport hun bezwaren bekend maken. Dit kan via
een persoonlijk onderhoud met de voorzitter van de delibererende
klassenraad of zijn afgevaardigde.
Tijdens bovenvermeld onderhoud zullen de cursisten inzage krijgen
van het dossier en worden de elementen aangegeven die geleid hebben
tot de genomen beslissing.
Het
instellingshoofd of zijn afgevaardigde stelt een verslag op van dit
onderhoud en voegt het toe aan het evaluatiedossier van de leerling
of cursist.
Er
zijn drie mogelijkheden:
-
De cursisten zijn ervan overtuigd dat de klassenraad de juiste
beslissing heeft genomen en dan is de betwisting van de baan.
-
De voorzitter van de klassenraad of zijn afgevaardigde meent dat
de cursisten redenen aandragen die het overwegen waard zijn. In
dit geval roept hij de delibererende klassenraad zo spoedig
mogelijk opnieuw bijeen en wordt de aangevochten beslissing
opnieuw overwogen. Voor een betwiste beslissing genomen in juni
betekent dit zo mogelijk nog voor de zomervakantie en in ieder
geval uiterlijk op 31 augustus volgend op de datum van de
betwiste beslissing. Als het een uitgestelde beslissing betreft,
binnen de drie werkdagen na het bovenvermelde gesprek met de
cursisten.
De
klassenraad kan dan ofwel zijn beslissing herzien en dan is het
probleem opgelost,
ofwel zijn beslissing handhaven en dan blijft het
probleem bestaan.
Als
de delibererende klassenraad opnieuw bijeenkomt, zal deze het
resultaat van de
bespreking via aangetekend schrijven en gemotiveerd
aan de cursisten meedelen binnen de
drie werkdagen ongeacht het
resultaat van de deliberatie.
-
De voorzitter van de klassenraad of zijn afgevaardigde meent dat
de aangebrachte elementen geen nieuwe bijeenkomst van de
delibererende klassenraad noodzakelijk maken. Dit wordt via
aangetekend schrijven binnen de drie werkdagen gemotiveerd aan
de cursisten meegedeeld. Wanneer zij het daarmee oneens zijn en
de genomen beslissing onjuist blijven vinden, blijft de
betwisting bestaan.
Beroep:
Als
de betwisting blijft bestaan, kunnen de cursisten binnen een termijn
van vijf werkdagen nadat deze betwisting gebleken is, via de
algemeen directeur schriftelijk beroep instellen bij de
beroepscommissie.
De
beroepscommissie bestaat uit:
-
De directeur
-
Drie personeelsleden aangewezen door de algemeen directeur. Zij
maken geen deel uit van de delibererende klassenraad die de
betwiste beslissing nam.
-
Coördinerende directeur basisonderwijs of coördinerend directeur
secundair onderwijs, die het voorzitterschap van de
beroepscommissie waarneemt.
De
algemeen directeur kan ook een beroep doen op een lid van de
Pedagogische Begeleidingsdienst. De adviseur-coördinator wijst het
lid aan dat deel uitmaakt van de beroepscommissie.
De
algemeen directeur kan ook een beroep doen op een vertegenwoordiger
van de afdeling juridische dienstverlening en documentatie van het
gemeenschapsonderwijs. Indien aanwezig treedt deze op als
verslaggever en secretaris van de beroepscommissie.
Advies van de beroepscommissie:
De
beroepscommissie beraadslaagt geldig als ten minste vier leden
aanwezig zijn.
In
het belang van het onderzoek kan ze om het even wie horen.
De
beroepscommissie motiveert haar adviezen en maakt ze over aan de
algemeen directeur.
Op
grond van dit advies beslist de algemeen directeur of de klassenraad
of de examencommissie al dan niet opnieuw moet samenkomen.
-
Moet hij niet opnieuw samenkomen, dan deelt de algemeen
directeur dit binnen de drie werkdagen en via aangetekend
schrijven gemotiveerd aan de cursisten mee.
-
Moet hij wel opnieuw samenkomen, dan moet hij een definitieve
beslissing nemen uiterlijk op 15 september. Deze beslissing
wordt gemotiveerd aan de cursisten meegedeeld via aangetekend
schrijven door de algemeen directeur binnen de drie werkdagen na
het nemen van de beslissing.
Binnen het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap is er geen verder beroep meer
mogelijk tegen de in beroep genomen beslissing.
Annulatieberoep:
Als
de beroepsprocedure binnen het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap is uitgeput,
kunnen de cursisten evenwel een annulatieberoep of een verzoek tot
schorsing van de tenuitvoerlegging bij de Raad van State indienen
binnen een termijn van zestig kalenderdagen nadat zij kennis namen
van de beslissing van de algemeen directeur respectievelijk van de
klassenraad.
De
procedure heeft geen opschortende werking. Dit betekent dat de
beslissing waarmee de cursisten het niet eens zijn onmiddellijk
uitgevoerd kan worden.
We
stelden het reeds een goede samenwerking tussen leerling en
personeel van de school is een noodzakelijke voorwaarde voor een
vlot functioneren. Als deze samenwerking niet volgens de afspraken
verloopt, kan de school passende maatregelen nemen.
Als
het schoolreglement overtreden wordt kan de school ordemaatregelen
nemen. Bij ernstige overtredingen kan de directie een
tuchtmaatregel uitspreken. De aard van de maatregel wordt bepaald
door de ernst van de overtreding en door het aantal keer dat ze
begaan wordt.
Als
het ordentelijk verstrekken van onderwijs gehinderd wordt, zal de
school trachten de leerling ertoe brengen zijn gedrag te verbeteren
en aan te passen. De personeelsleden van onze school kunnen
daartoe, onder het gezag van de directeur, de gepaste
ordemaatregelen nemen.
Principe
Als
principe geldt dat de leerling de gevolgen van zijn daden draagt:
· wie zonder reden afwezig blijft, kan als onregelmatige
leerling beoordeeld worden;
· wie iets opzettelijk of door verregaande onachtzaamheid
beschadigt, moet het vergoeden of herstellen;
· wie iets besmeurt, moet het reinigen; wie afval achterlaat,
moet het opruimen…
Om
de orde te bewaren kunnen volgende maatregelen genomen worden.
Door
ieder personeelslid:
een
vermaning: mondeling
Door
de directeur of zijn afgevaardigde:
een
schriftelijke blaam. Na een derde blaam volgt een tuchtmaatregel.
· een streng regime: er worden strikte richtlijnen gegeven
over de wijze waarop de leerling zich moet gedragen. Het niet
opvolgen hiervan leidt automatisch tot een tuchtmaatregel.
.
De
verwijdering
· De directeur of zijn afgevaardigde kan een leerling
voorlopig uit de school sluiten als de feiten een dergelijke omvang
aannemen dat men er zelfs aan denkt hem later definitief uit de
school te verwijderen.
Deze voorlopige maatregel geldt zolang het onderzoek duurt en voor
zover het belang van het onderwijs dit vereist.
Binnen de drie lesdagen na kennisname van de ordemaatregel heeft de
betrokkene recht op overleg met de directeur of zijn afgevaardigde.
De
directeur of zijn afgevaardigde kan een tuchtmaatregel nemen als het
gedrag werkelijk een gevaar vormt voor het ordentelijk verstrekken
van het onderwijs en/of de verwezenlijking van het eigen project van
onze school in het gedrang brengt.
De
directeur of zijn afgevaardigde zal dus slechts tuchtmaatregelen
nemen als de maatregelen van orde geen effect hebben of bij zeer
ernstige overtredingen. Hieronder vallen overtredingen zoals
opzettelijk slagen en verwondingen toebrengen, opzettelijke
essentiële veiligheidsregels overtreden, opzettelijk en blijvend de
lessen en activiteiten storen, zware schade toebrengen of diefstal
plegen.
Soorten
Volgende tuchtmaatregelen zijn mogelijk:
· - uitsluiting uit een of meer lessen gedurende een of
meerdere dagen;
· - de definitieve uitsluiting uit de school
De directeur spreekt deze maatregel uit op advies
van de leraars.
Een leerling die uit de school verwijderd werd, kan het volgend
schooljaar slechts opnieuw ingeschreven worden na gunstig
advies van de leraars.
Regels
Als
er tuchtmaatregelen genomen worden, worden in ieder geval volgende
regels gerespecteerd:
· De betrokken leerling wordt vooraf uitgenodigd voor een
gesprek over de problemen.
· De leerling en zijn of haar raadsman hebben recht tot
inzage van het tuchtdossier.
· De leerling wordt voor het ingaan van de tuchtmaatregelen
schriftelijk op de hoogte gebracht van de genomen beslissing. Deze
beslissing wordt gemotiveerd.
· Er wordt nooit overgegaan tot collectieve uitsluitingen.
· De tuchtstraf moet pedagogisch verantwoord kunnen worden
en in overeenstemming zijn met de ernst van de feiten.
Overleg
Binnen de drie lesdagen na kennisname van de tuchtmaatregel hebben
de betrokken leerling recht op overleg met de directeur of zijn
afgevaardigde.
Wij
hopen dat het nooit zover zal komen, maar het blijft natuurlijk
mogelijk. Als democratische school voorzien wij de mogelijkheid op
te komen tegen onze beslissingen betreffende tuchtmaatregelen.
Iedere leerling kan volgens duidelijke regels beroep aantekenen
tegen beslissingen waarmee hij/zij niet akkoord gaat.
Vervangen 01 09 09
Opstarten:· .
-
De directeur is bevoegd om tuchtmaatregelen te nemen. Vooraleer
de beroepsprocedure te kunnen opstarten, moet u gebruik maken
van uw recht op overleg met de directeur of zijn afgevaardigde.
-
Bij de algemeen directeur kunt u beroep aantekenen. Dit moet
schriftelijk en op gemotiveerde wijze en uiterlijk binnen de
drie lesdagen na de dag van de kennisneming van de
tuchtmaatregel gebeuren.
Beroepscommissie:
-
De algemeen directeur roept de beroepscommissie samen. Deze
behandelt het beroep binnen een termijn van drie lesdagen.
-
De beroepscommissie wordt opgericht door de algemeen directeur met
als leden:
-
Drie instellingshoofden van de scholengroep met uitzondering van
degene die de tuchtmaatregel heeft uitgesproken.
- De
coördinerende directeur basisonderwijs of de coördinerend directeur
secundair onderwijs, die het voorzitterschap van de beroepscommissie
waarneemt.
De
algemeen directeur kan ook een beroep doen op een vertegenwoordiger
van de juridische dienst van het Gemeenschapsonderwijs. Indien
aanwezig treedt deze op als verslaggever en secretaris van de
beroepscommissie.
-
Na de betrokken persoon en de directeur gehoord te hebben,
bezorgt de beroepscommissie binnen de drie lesdagen de
gemotiveerde beslissing aan de algemeen directeur. De
beroepscommissie bevestigt of herziet de beslissing.
-
De algemeen directeur zal de gemotiveerde beslissing van de
beroepscommissie aangetekend versturen uiterlijk de lesdag
volgend op de dag van de ontvangst van de beslissing van de
beroepscommissie.
De
directeur ontvangt hiervan een afschrift.
Annulatieberoep:
Na
uitputting van de hierboven beschreven beroepsprocedure kunt u
evenwel een annulatieberoep of een verzoek tot schorsing van de
tenuitvoerlegging bij de Raad van State indienen. Dit moet gebeuren
binnen een termijn van zestig kalenderdagen nadat u kennis nam van
de beslissing van de beroepscommissie.
De
procedure heeft geen opschortende werking. Dit betekent dat de
beslissing waarmee u het niet eens is onmiddellijk kan uitgevoerd
worden.
Vervangen 01 09 09
Deze
klachtenprocedure is van toepassing indien geen specifieke
beroepsprocedure is voorzien.
-
Klachten over de werking van de school of over een concrete
handeling of beslissing van een personeelslid van de school waar
geen georganiseerde beroepsmogelijkheid voorzien is, dienen kort
na de feiten gemeld te worden aan de directeur van de school en
met hem te worden besproken.
-
Wordt na overleg met de directeur niet tot een akkoord gekomen
of handelt de klacht over het optreden van de directeur zelf dan
kan men klacht indienen bij de algemeen directeur van de
scholengroep, waarna deze de behandeling van de klacht op zich
neemt.
-
Binnen een termijn van 10 kalenderdagen zendt de algemeen
directeur de klager een ontvangstbevestiging waarbij hij
informatie verstrekt betreffende de behandeling van de klacht.
Indien de klacht afgewezen wordt brengt hij de klager hiervan op
de hoogte en wordt dit gemotiveerd.
-
De algemeen directeur start een onderzoek naar de gegrondheid
van de klacht. Na het onderzoek stuurt hij de klager een brief
met een samenvatting van het onderzoek en zijn gemotiveerde
bevindingen betreffende de klacht.
-
De algemeen directeur behandelt de klacht binnen een termijn van
45 kalenderdagen na ontvangst van de klacht.
-
Als men niet tevreden is over de wijze waarop men behandeld is
of over het resultaat van de klachtenbehandeling, kan men klacht
indienen bij de Vlaamse Ombudsdienst.
Deze
klachtenprocedure schorst de beslissingen waartegen een klacht is
ingediend niet op.
Geachte leerling,
We hopen dat u na lezing van dit schoolreglement ervan overtuigd
bent dat wij in onze school het beste willen bieden.
Wij zijn ervan overtuigd dat we erin zullen slagen om tot een prima
samenwerking te komen.
Namens het schoolteam,
De directeur,
Erik Ruts.
Instemming met het pedagogisch project van het GO! onderwijs van de
Vlaamse gemeenschap
en het schoolreglement van het Instituut voor Kunst en Ambacht
Ik,
ondergetekende,…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………........
(naam en adres van de leerling)
verklaar kennis te hebben genomen van het mij overhandigde
pedagogisch project en het schoolreglement en stem met beide in. Dit
verbindt mij en/of de aldus ingeschreven leerling tot naleven van
het pedagogisch project en schoolreglement.
(datum en handtekening)
|